1

‘Net als de groenteboer om de hoek moet de prostituee weer haar eigen bordeel kunnen runnen’

Films Marije Janssen25 nov 2011
‘Net als de groenteboer om de hoek moet de prostituee weer haar eigen bordeel kunnen runnen’

Ouwehoeren – Meet the Fokkens (A-Film)

Een paar dagen voor de première van de documentaire Ouwehoeren – Meet the Fokkens ontmoet ik documentairemakers Rob Schröder en Gabrielle Provaas in het huis van Schröder aan de Oude Nieuwstraat in Amsterdam. Eigenlijk is het te danken aan dat huis, waar Schröder een aantal jaar geleden ging wonen, dat deze film er gekomen is. In dit smalle straatje staan vooral Nederlandse dames achter het raam, die zich niet meer thuis voelden in het bekendere deel van de rosse buurt met de dwingende exploitanten, hordes dronken Engelse toeristen en overdadig neonlicht.

Hier, ver weg van alle drukte, leerde hij de toen 67-jarige Martine Fokkens kennen. Deze goedlachse dame van plezier hield zijn kleine voortuintje bij, waar zij vanuit haar raam op uitkeek. Die ontmoeting werd het begin van het project waar ze de afgelopen jaren intensief aan hebben gewerkt. Een film over Martine en haar tweelingzus: Louise Fokkens. Twee uitgesproken Amsterdamse vrouwen met een lang leven achter de ramen.

In de huidige mediawervelstorm over gedwongen prostitutie, vrouwenhandel en regulering, waar vooral over de mensen in het vak wordt gepraat in plaats van met, kruipt ‘Meet the Fokkens’ zeer dicht op de huid van de vrouwen en hun klanten. De documentaire biedt een blik op een wereld die inmiddels nauwelijks meer bestaat. Een wereld waar de ouwe Amsterdamse penoze, zoals Rinus en Jopie Vet, de rosse buurt bestierden. Waar klanten namen hadden als Hinkie Pinkie en Vlugge Nelis. De Wallen zoals ze ooit waren, komen nooit meer terug.

Volgens documentairemakers Rob Schröder en Gabrielle Provaas is de prostitutie in Amsterdam ten onder aan het gaan: aan de globalisering van het vak, het outsourcen van sekswerkers en aan politici die in de regulering van de prostitutie geen rekening hebben gehouden met de ondernemers die juist op kleinschalig, persoonlijke niveau werkten. De (vaak vrouwelijke!) uitbaters die hun werknemers en klanten nog echt kennen: “de kleine zelfstandigen hebben het verloren van de kapitalistische inhaligheid, waar het gaat om efficiënt en snel afwerken. Vergelijk het met de groenteboer op de hoek, die zijn deuren moet sluiten omdat er weer een Albert Heijn naast hem verschenen is.”

Ook de dames Fokkens zijn zeer ontevreden over de manier waarop hun werk in Nederland gezien wordt. De overheid geloven ze allang niet meer vertellen ze me aan de keukentafel van Schroder: “Ze hebben het over pooiers, maar zelf pooieren ze het hardst. Nee, ze zijn nog erger dan pooiers, nu ze ook nog op je jagen. Het jachtveld is geopend en je kan geen kant meer op”. Die confrontatie met de overheid gingen ze tientallen jaren geleden al aan.  Na lang voor anderen te hebben gewerkt bestierden de zusters in de jaren tachtig een eigen kassie (bordeel). Het was een roerige periode, op de Zeedijk en de Nieuwmarkt was het vergeven van drugsgebruikers en dealers. Heroine was de ‘drug of choice’, velen raakten zwaar verslaafd.

Louise en Martine zorgden dat de vrouwen die bij hen werkten afkickten, ze gaven ze eten en begeleidden ze naar de methadonbus. Tegelijkertijd richtten ze het Rode Lichtje op, bedoeld om de vrouwen in het vak te ondersteunen. Helaas bracht het niet wat ze hoopten. Het Rode Lichtje verdween, enkele jaren later ontstond de Rode Draad.

In dezelfde periode besloot de gemeente dat hun kassie aan de Koestraat haar deuren moest sluiten. Er ontstond schaalvergroting, seksbazen kochten meerdere panden om die uit te baten. De grote spelers wisten hun weg in het politieke doolhof te vinden, ze kregen of behielden hun vergunning. Kleine ondernemers delfden het onderspit. Het begin van het einde volgens Provaas: “De vrouwen zelf is de macht uit handen genomen. Dat is het beleid geweest. Terwijl op veel plekken de vrouwen zaten die het zelf hadden meegemaakt, die donders goed wisten hoe het werkte en bij teveel blauwe ogen de mannen eruit zetten. Die kleinschaligheid en de controle van vrouwen over vrouwen, dat is kapot gemaakt.”

‘Het mag geen treurige film worden,’ zo drukten de zusters de filmmakers vooraf op het hart. Het leven is zeker niet makkelijk voor ze geweest, maar noem ze vooral geen slachtoffers. Want uiteindelijk hebben ze zich met humor en gein door het leven geleefd.

Een paar dagen later, tijdens de première van de film Ouwehoeren op het IDFA stralen Louise en Martine als filmsterren. Samen met twee dochters staan ze op het bordes van Tuschinski, omgeven door fotografen, televisiecamera’s en heel, heel veel mensen van uiteenlopende pluimage: old-school Jordanezen staan zij aan zij met bekende Nederlanders. Als ze zaal 1 van de bioscoop betreden golft het applaus door de ruimte. Daarmee is de droom van Schröder letterlijk uitgekomen: hij begon zijn project met de hoop dat de twee dames ten tijde van de première gevierd zouden worden als sterke vrouwen. En dat worden ze.

Het resultaat is een persoonlijk, intiem portret van de twee zusters. In tegenstelling tot het boek ‘Ouwehoeren’ wat vooral een vrolijke ‘Wat zien ik?’ blik werpt op het werk en de klanten, is de documentaire een stuk rauwer. Zonder het te romantiseren vertellen de filmmakers het levensverhaal van de tweeling Fokkens. Pas nu wordt echt duidelijk dat de keuze voor het vak zeker niet vrijwillig was. Waar Louise gedwongen werd door haar man besloot Martine uit financiële overwegingen te gaan werken op de plek waar haar zus al een tijd lang stond te pezen. Louise, op haar 19e moeder van drie kinderen, moest door haar werk haar kinderen afstaan aan pleeggezinnen in Nigtevecht. De scène waar ze teruggaat met een van haar dochters is ontroerend en toont tegelijkertijd op nuchtere wijze het schurende verdriet.

Toch is het gelukt om de documentaire opgewekt te laten zijn. Een film met een onderlaag die gaat over hoop, dat ondanks slechte mannen je als vrouw overeind kunt blijven. Maar het is ook een verhaal over ouder worden, aldus Provaas: “Prostitutie is wel het laatste vak waarvan je denkt dat je lichamelijk verval mag toelaten. Maar dat hoeft helemaal niet. Kijk maar naar Louise die nog steeds werkt. Dat vind ik een geweldig gegeven, dat je zo tevreden kan zijn met jezelf.” Louise beaamt dit, ‘Schat, je bepaalt zelf toch hoe je je voelt. Ik kan de mooiste kerels krijgen. Vroeger en nu. En als ze lastig zijn gaan ze eruit. Dat noem ik nou feministisch.”

‘Ouwehoeren – Meet the Fokkens’ doet volledig recht aan de uitspraak van Martine: “Je bepaald toch zelf hoe je je voelt? Als je de hoer speelt ben je je eigen baas, je weet hoe ver je kan gaan. Je slijt er niet van, je wordt er alleen maar lenig van. Voor mij gaat het over het leven, dat je doet wat je wil.” De dames willen geen slachtoffers zijn, ze hebben hun situatie overwonnen door het zich toe te eigenen. De autonomie over hun eigen leven terug te nemen. Dat wordt bekroond met een meer dan uitverkochte première en een staande ovatie. Hopelijk ook met een wat genuanceerder beeld van hun beroep.

 

Regie: Gabriëlle Provaas en Rob Schröder
Premiere 19 november
In de bioscopen: vanaf 3 december

TAGS • Ouwehoeren • prostitutie • Martine Fokkens • Louise Fokkens


1 reactie

Zeer interessant stuk en onderwerp, goed dat het van alle verschillende kanten belicht wordt.

Dianne | di 29 november 2011 21:17

plaats reactie

Laatste reacties

  • 4 • Brief aan Giel Beelen

    1 op de 3? Poeh vind ik nog weinig. Ken zelf persoonlijk geen enkele vrouw die nog nooit is aangerand. Maar ja, mannen i...
  • 4 • Brief aan Giel Beelen

    Onder andere op seksueelmisdrijf punt nl en Movisie....
  • 4 • Brief aan Giel Beelen

    1 op de 3 vrouwen komt in aanraking met seksueel geweld in haar leven. Diverse bronnen die dit bevestigen (heb ze uit de...
  • 4 • Brief aan Giel Beelen

    Maar je boodschap dat je van mooie vrouwelijke lichaamsdelen stiekem foto's mag maken, nodigt uit tot meer. Misschien ni...
  • 2 • STOOTKRACHT

    Beste B., Die vibrator is in elk geval te koop bij Christine Le Duc op het Spui in Amsterdam. Maar vast ook wel bij Chri...

Laatst gelezen