Beeld Pedro Ribeiro Simoes - Dimension 1972 - Bertina Lopes 1924-2012
Beeld Pedro Ribeiro Simoes - Dimension 1972 - Bertina Lopes 1924-2012

Gezocht: directrice, redactrice, timmervrouw (V/M)

“Het gebruik van taal waarin verschillen tussen mannen en vrouwen niet worden gerespecteerd is een van de meest voorkomende en tegelijk zelden herkende vormen van discriminatie. Het gebruik van alleen het mannelijke geslacht voor beroepskwalificaties en institutionele rollen vertegenwoordigt de werkelijkheid niet en maakt vrouwen onzichtbaar.”

Deze indringende openingszinnen komen uit de richtlijnen voor correct taalgebruik van een universiteit in Italië. Het géén onderscheid maken tussen mannelijke en vrouwelijke functienamen is een zelden herkende vorm van discriminatie, aldus deze richtlijnen. Dat die niet herkend wordt, kan echter ook betekenen dat mensen oprecht vinden dat het geen discriminatie is. Het kan ook betekenen dat mensen er onverschillig tegenover staan, dat ze het onderscheid niet meer relevant vinden. We noemen ons gewoon allemaal redacteur of timmerman, als genderneutrale termen, want het doet er niet toe of de persoon achter het beroep man of vrouw is.

Die laatste stellingname bevat echter een paradox: als je zegt dat genderneutrale termen duidelijk maken dat het er niet toe doet, dan zeg je tegelijkertijd dat de keuze van deze of andere termen er wel toe doet. Ze drukken uit hoe je de wereld ziet. Taal zegt iets en doet iets. Met een taaluiting creëer je een beeld van een werkelijkheid, van sociale verhoudingen, en door de manier waarop je iets zegt, bevestig of verander of bekritiseer je die werkelijkheid.

Een recent wetenschappelijk onderzoek over taal en gender beschrijft hoe taal onze wereld en cultuur, onze normen en waarden, niet alleen reflecteert maar ook actief vormt. Zelfs in het taalgebruik van de meest genderneutrale Indo-Europese taal - het Engels - wordt ongelijkheid tussen mannen en vrouwen versterkt:

“… English is still a highly patriarchal and gendering language where men are portrayed better than women. [..] expressions referring to women commonly undergo semantic derogation and sexualization. […] Mistress for a woman is not merely a feminine form of master for a man. Mistress semantically connotes a sexualized female while master semantically refers to positivity and power.”

Taal en emancipatie: redacteur of redactrice?

De opstellers van de richtlijnen voor correct taalgebruik op de universiteit in Italië lijken dus wel een punt te hebben. Maar betekent dat dan dat we ons bijvoorbeeld hier op de wie-is-wie pagina van LOVER moeten voorstellen als redactrice als we vrouw zijn of ons vrouw voelen, en dus niet als redacteur? Dat een leider, als ze vrouw is, weer leidster moet gaan heten? Dat we weer, zoals zo’n 50 jaar geleden nog gebruikelijk was, een onderscheid moeten maken tussen chauffeuse en chauffeur, directrice en directeur, vuilnisvrouw en vuilnisman?

Daar lijkt het wel op. Het gebruik van mannelijke functienamen voor mensen die zich vrouw voelen, maakt vrouwen onzichtbaar en verdoezelt het feit dat in alle functies vrouwen volwaardig meedoen en mee kunnen doen. Taal is bij uitstek, en volgens filosofen als Rorty en Nietzsche, die beiden in bovengenoemd artikel worden aangehaald, zelfs het enige middel om zo’n beeld te veranderen: “Language is the foundation from which our experience and knowledge of the world are generated”.

Vrouwelijke functienamen hebben nog steeds een lagere status. Een directeur kan beter puinruimen dan een directrice, een inspecteur is gezaghebbender dan een inspectrice, een onderneemster houdt zich bezig met een webwinkeltje, een ondernemer met het grote geld. Maar door dat als gegeven te accepteren en dan te kiezen voor alleen de grammaticaal mannelijke vormen, bevestig je het beeld dat vrouwen zelf minder serieus genomen moeten worden en versterk je die sociale ongelijkheid in plaats van haar te veranderen.

Taal als bouwsteen voor een geëmancipeerde samenleving

In een proefschrift over genderongelijkheid en onderwijs wordt gesteld dat mannelijke en vrouwelijke identiteiten niet aangeboren zijn, maar sociale constructies. Volgens de schrijfster zouden we die tweedeling juist moeten doorbreken. En er alles aan moeten doen om  “de aanname van een absoluut en neutraal onderwerp, vaak mannelijk, in twijfel te trekken en om het bestaan en de bijdrage van vrouwen aan geschiedenis en kennis in overweging te nemen”. Dan ontkom je er bijna niet aan om het grammaticale onderscheid tussen vrouwelijke en mannelijke functienamen in ere te herstellen.

Maar het kan misschien nog beter en effectiever. Taal is een machtig wapen. Taal bepaalt en bevestigt onze sociale werkelijkheid en is in staat die opnieuw te modelleren. En als functienamen zoals leidster en directrice nog steeds een lagere status hebben dan hun grammaticaal mannelijke tegenhangers, en als het legitiem is om iemand redacteur te noemen - ook als die zich vrouw voelt -, dan is het net zo legitiem om het in ieder geval voorlopig om te draaien. Dan is iedereen - man of vrouw - vanaf nu redactrice, timmer- en vuilnisvrouw, directrice of leidster.

‘Verander de wereld, begin bij jezelf’ is een geldig gezegde, dus laat ik dan maar beginnen bij mezelf: Pierre Winkler, voelt zich man, overeenkomstig zijn biologische geslacht, en is classica, redactrice en kookboekenschrijfster. Het zal even wennen zijn, maar het is voor een erg goed doel.

P.S. Na publicatie kreeg ik de tip dat in een recent Duits onderzoek ook geconcludeerd werd dat mannelijke functienamen vrouwen onzichtbaar maakt, en dat er laatst een wetsvoorstel was ingediend met daarin enkel de vrouwelijke vormen van functies. Dat wetsvoorstel is op het allerlaatst na enige commotie aangepast en nu zijn toch weer de mannelijke vormen gebruikt. Er is, kortom, nog een weg te gaan.

Steun LOVER!
LOVER draait uitsluitend op vrijwilligers en donaties. Wil je dat Nederlands oudste feministische tijdschrift blijft bestaan? Help ons door een (eenmalige) donatie. Elke euro is welkom en wordt gewaardeerd. Meer informatie vind je hier