Pas op voor de man met therapietaal

Beeld door Hannah Vonk
Beeld door Hannah Vonk
Nienke Amarins Hettinga (redacteur)

Steeds vaker duikt hij op – in datingshows, op sociale media, in vriendengroepen: de man die therapietaal spreekt. Hij zegt dat hij ruimte biedt, grenzen respecteert en werkt aan zijn emotionele groei. Maar wie goed luistert, hoort iets anders: een gladgestreken, script-achtige taal die meer gaat over controle dan over connectie. Dit is geen kwetsbaarheid – dit is macht, vermomd als emotionele intelligentie.

Wat is therapietaal?

Therapietaal bestaat uit termen en concepten afkomstig uit de psychologie en geestelijke gezondheidszorg die steeds vaker doorsijpelen in alledaagse gesprekken. Denk aan woorden als "toxisch", "triggerend", "zelfzorg" en "ruimte innemen". Op zichzelf is dat geen probleem; mentale gezondheid bespreekbaar maken is juist nodig. 

Maar therapietaal wordt steeds vaker ingezet als een subtiele strategie om macht te behouden, sociale dynamieken te beïnvloeden en verantwoordelijkheid te ontwijken. De therapietaal-man gebruikt deze woorden niet om écht open en kwetsbaar te zijn, maar om gesprekken zo te sturen dat hij zelf buiten schot blijft. 

Van zelfzorg naar controle

Het grote probleem met therapietaal is dat het de grens tussen gezonde communicatie en manipulatie vervaagt. Echte grenzen zijn bedoeld om je eigen welzijn te beschermen. Ze gaan over wat jij nodig hebt en waar jij je prettig bij voelt, zonder de autonomie van een ander te ondermijnen. Maar wanneer therapietaal op een dwingende manier wordt ingezet, verandert het in een middel om controle uit te oefenen.

De therapietaal man gebruikt bijvoorbeeld 'grenzen' als een excuus om anderen te dicteren hoe ze zich moeten gedragen. Ze stellen geen grenzen voor hun eigen welzijn, maar om te bepalen hoe anderen zich naar hen moeten voegen. Dit is geen zelfzorg – dit is een machtsspel. Denk aan een man die tegen zijn partner zegt:

"Ik voel dat ik in deze relatie meer ruimte nodig heb en dat ik beter gedijt in een dynamiek waarin mijn autonomie volledig wordt geëerd."

Dit klinkt als een eerlijke reflectie maar is in werkelijkheid een eenzijdige beslissing die geen ruimte laat voor discussie. Grenzen stellen is niet hetzelfde als de ander dwingen om zich aan te passen aan jouw eisen. Grenzen zijn defensief en persoonlijk – ze gaan over wat jij accepteert of niet. Controle is dwingend en manipulatief – het legt regels op aan de ander.

Wanneer therapietaal wordt ingezet om kritiek te ontwijken, macht te krijgen over een situatie of verantwoordelijkheid af te schuiven, dan is het geen taal van heling – het is een strategie van sociale beheersing.

Hoe therapietaal het patriarchaat dient

Feministische theorieën laten zien hoe het patriarchaat voortdurend nieuwe strategieën vindt om zichzelf in stand te houden. Waar mannen vroeger hun macht handhaafden door openlijke dominantie lijken ze dat nu te doen via taal. De opkomst van therapietaal is daar een perfect voorbeeld van.

De moderne man heeft geleerd dat openheid en emotionele intelligentie aantrekkelijk zijn. Dus heeft hij de taal van therapie en zelfontwikkeling overgenomen. Maar wie goed kijkt, ziet dat veel van deze mannen die taal niet gebruiken om daadwerkelijk gelijkwaardige relaties op te bouwen. In plaats daarvan gebruiken ze het als een schild – een manier om kritiek af te weren en controle te behouden.

Denk aan de man die:

  • Over "emotionele arbeid" praat maar ondertussen verwacht dat zijn partner al het werk doet om hem te begrijpen.
  • "Grensbewaking" verkondigt, maar zijn eigen verantwoordelijkheid ontloopt wanneer hij anderen kwetst.
  • Tijdens een date ‘diepe gesprekken’ initieert, niet om echt te verbinden, maar om vrouwen emotioneel uit te putten en zo de machtsdynamiek in zijn voordeel te kantelen.

Deze mannen hebben de oppervlakkige taal van feminisme en therapie geleerd, maar niet de daadwerkelijke principes van gelijkwaardigheid. In datingshows zien we dit vaak gebeuren: mannen die zichzelf profileren als gevoelig en communicatief vaardig, maar vrouwen alsnog gaslighten en domineren met de taal die bedoeld is om te helen.

De ‘goede man’ als feministisch façade

Veel mannen die therapietaal gebruiken, geloven oprecht dat ze ‘beter’ zijn dan de traditionele, emotioneel afgesloten man. Echter, feministische denkers zoals bell hooks en Adrienne Rich waarschuwen al decennialang dat patriarchale controle niet alleen via brute macht werkt, maar ook via taal, emotie en psychologie. Dus zelfs wanneer mannen therapietaal omarmen en zich ‘gevoelig’ opstellen, kunnen ze patriarchale structuren in stand houden—soms zonder het zelf te beseffen. Het gebruik van emotionele taal is dus niet per definitie bevrijdend, maar kan een nieuwe vorm van machtsuitoefening zijn.

Volgens hooks kunnen mannen kwetsbaarheid tonen zonder afstand te doen van controle, bijvoorbeeld door empathie te eisen terwijl vrouwen de emotionele arbeid blijven verrichten. ‘Bewuste’ mannen kunnen de feministische taal zelfs inzetten als bewijs van morele superioriteit, zonder machtsverhoudingen echt te veranderen. Werkelijke bevrijding vraagt dan ook meer dan nieuwe woorden; het vereist een structurele herverdeling van macht.

Rich's concept van ‘compulsory heterosexuality’ laat zien hoe patriarchale normen heteroseksuele relaties doordringen, zelfs wanneer ze progressief lijken. Mannen kunnen therapietaal gebruiken om verantwoordelijkheid af te schuiven, bijvoorbeeld door vergeving te eisen op basis van hun ‘groei’. Emotionele intimiteit kan zo een subtiele vorm van controle worden. Rich en hooks herinneren ons eraan dat echte verandering niet alleen zit in praten over gevoelens, maar in het daadwerkelijk doorbreken van ongelijkwaardige machtsdynamieken.

Taal is macht, wees kritisch

De ‘goede man’ van nu doet afstand van toxische mannelijkheid, maar houdt ondertussen vast aan subtiele vormen van dominantie. Hij lijkt bewust en zelfreflectief, maar blijft uiteindelijk zijn eigen behoeften en gevoelens centraal stellen – ten koste van vrouwen. Zijn therapeutische jargon creëert de illusie van veiligheid en vooruitgang, maar in werkelijkheid zijn zijn relaties nog steeds asymmetrisch. In plaats van echt naar vrouwen te luisteren en hen als gelijkwaardig te behandelen, gebruikt hij therapietaal als rookgordijn.

Het is cruciaal om deze dynamieken te herkennen. Want een man die zegt dat hij ‘ruimte wil bieden’ of dat hij ‘zijn grenzen bewaakt’, is niet per definitie progressief. Vraag jezelf altijd af: gaat het hier echt om verbinding? Of is dit een vermomde vorm van controle? Feministische kritiek is hier onmisbaar. Zolang mannen therapietaal blijven inzetten als rookgordijn voor patriarchale structuren, moeten we die taal blijven bevragen, ontleden en terug claimen. Want echte gelijkwaardigheid zit niet in woorden – die zit in daden.

Steun LOVER!
LOVER draait sinds de start in 1974 volledig op vrijwilligers en donaties. Wil je dat een van Nederlands oudste feministische tijdschriften blijft bestaan? Help ons door een (eenmalige) donatie. Elke euro is welkom en wordt gewaardeerd. Meer informatie vind hier

Meer LOVER? Volg ons op XInstagramLinkedIn en Facebook.