Copyright Wikimedia Commons
Copyright Wikimedia Commons
Jasmijn Huisman • 5 jun 2020

De symboolpolitiek die diversiteitsbeleid heet

Een betoog over het tegengaan van oppervlakkig diversiteitsbeleid en een pleidooi voor wit ongemak

In 2017 schreef ik een column over milde diversiteit aan de hand van enkele uitspraken van Arthur Umbgrove bij Radio 1. Hij haalde de definitie van racisme aan de hand van de Dikke van Dale aan: discriminatie is het maken van ongeoorloofd onderscheid. Crux van zijn verhaal: je moet onderscheid maken om gelijkheid na te streven. Maar ik denk dat Natacha Harlequin de vinger op de zere plek legde tijdens het talkshowgesprek bij M: we zijn niet gelijk. Als iemand vandaag de dag nog steeds een andere behandeling krijgt op basis van zijn of haar huidskleur, kunnen we op geen enkele manier spreken van gelijkheid. Tegelijkertijd doet de term 'gelijkheid' de verschillen tussen mensen ook geen recht aan. Zoals Sylvana Simons het ooit zo mooi zei in het programma Holland!, is ze trots op haar huidskleur en vindt ze het betreurenswaardig als deze verschillen niet worden erkend. Deze verschillen proberen we te representeren door middel van diversiteitsbeleid, maar juist dit beleid is problematisch.

Een probleem in het Nederlandse systeem is de symboolpolitiek van diversiteitsbeleid. Bedrijven en universiteiten, waaronder de Universiteit van Amsterdam, stellen diversiteitsbeleid op zonder de daadwerkelijke pijn van racisme aan te kaarten en te voelen. We gaan het echte ongemak uit de weg door ons te verschuilen achter symboolpolitiek. Witte Nederlanders die zeggen 'Ik zie geen kleur', zijn niet vrij van racisme, maar zijn juist onderdeel van het probleem. Als we geen verschillen in kleur zien, doen we geen recht aan de pijn van mensen met een donkere huidskleur. Aan het ongemak dat zij dag in, dag uit ervaren. Aan de machteloosheid die zij voelen.

Tegelijkertijd vraag ik me af of ik de juiste persoon ben om hierover te schrijven. Ik ben wit en ik kan slechts gissen naar deze pijn. Maar juist omdat ik wit ben, is het belangrijk dat ik erover nadenk en me uitspreek. Als witte Nederlander ben ik onderdeel van het probleem en ik geloof dat juist mensen met dit privilege hun verantwoordelijkheid moeten nemen. Ook al maakt het me ongemakkelijk en voel ik mij schuldig over het racisme dat donkere mensen wordt aangedaan. Toch is het voelen van dit ongemak het minste wat ik kan doen. Opmerkingen van witte Nederlanders als 'Maar ik heb het toch niet gedaan? Ik ben toch niet schuldig aan de slavernij?', hebben me aan het denken gezet. Het klopt inderdaad dat zij niet schuldig zijn aan de slavernij op actieve individuele basis, maar doordat er niet wordt erkend dat de nasleep van slavernij anno 2020 nog steeds plaatsvindt, blijft deze pijn voelbaar.

Afgelopen maand keek ik een documentaire over politieke speeches van Obama. Mede door deze documentaire ging ik me wederom realiseren hoe belangrijk representatie van donkere mensen is. Hoewel er vandaag de dag door bedrijven, universiteiten en instellingen vaak wordt gedacht dat het opstellen van diversiteitsbeleid voldoende is, leidt dit nog steeds niet tot evenredige representatie. Diversiteitsbeleid is in de praktijk nog te vaak symboolpolitiek, waardoor daadwerkelijke representatie niet wordt verwerkelijkt. Dit is kwalijk omdat er hierdoor geen politieke inclusie plaatsvindt, terwijl juist dan institutioneel racisme daadwerkelijk kan worden aangepakt. Ik denk dat het belangrijk is dat er eindelijk realisatie komt dat het erkennen van racisme geen linkse bezigheid is. Integendeel: het erkennen van racisme is van fundamenteel belang om verandering teweeg te brengen en dat doen we door een dialoog met elkaar aan te gaan. Door verder te gaan dan het opstellen van diversiteitsbeleid, door elkaar vragen te stellen. Door elkaar en jezelf te onderwijzen. Ik wil niet suggereren dat ik vrij ben van racisme, maar ik wil wel leren. Ik wil boeken lezen van Sinan Çankaya, ik wil speeches horen van Akwasi Owusu Ansah. Ook al maakt dit mij soms ongemakkelijk en voel ik me dan schuldig. Alleen zo word ik me bewust van mijn eigen fouten. Alleen op deze manier komen we verder en ontstijgen we de oppervlakkige Nederlandse symboolpolitiek van diversiteitsbeleid.

Steun LOVER!
Vond je dit een goed artikel? Wil je dat Nederlands oudste feministische tijdschrift blijft bestaan? Laat je waardering blijken door een (eenmalige) donatie en help ons. LOVER draait uitsluitend op vrijwilligers en donaties. Elke euro is welkom en wordt gewaardeerd. Meer informatie vind je hier.

Uw reactie

Uw reactie

sjo

zondag 7 jun 2020 00:00

Helemaal goed!