Handwerk: een politieke kunstvorm door vrouwen

Illustratie door Marijn Metzlar
Illustratie door Marijn Metzlar
Nanda van der Poel • 3 mei 2023

De afgelopen jaren is er, mede door de coronapandemie, een nieuwe golf van waardering voor handwerk en textielkunst onder (met name) vrouwen. Handwerk wordt gezien als een rustgevende en duurzame hobby, die je zowel binnen als buiten tegen kunt komen.

En dat gebeurt met een boodschap: denk aan de gehaakte muts de pussy hat), de opkomst van 'craftivism' zoals het borduren van politieke boodschappen en het zichtbaar repareren van kleding. En bij breiwerken op bomen, lantaarnpalen en hekken neemt traditioneel vrouwelijke breikunst de publieke ruimte in, en wordt deel van de in oorsprong door mannen gedomineerde street art. Handwerk is een (letterlijk) zachte vorm van protest, en loopt als draad door de vrouwenbeweging heen. Want waar handwerk historisch vaak een middel was van sociale controle, zo was (en is) het ook een vorm van stil verzet. We duiken in deze bijzondere, door vrouwen gedomineerde kunstvorm.

Handwerk als sociale controle
Hoewel mensen van alle genders het ambacht tegenwoordig beoefenen, is handwerk traditioneel vrouwenwerk. Vrouwen werken al sinds het begin van de beschaving met textiel. Vanaf de oude Grieken tot ver in de twintigste eeuw werd van vrouwen verwacht dat zij binnenshuis handwerk en andere huishoudelijke en zorgtaken uitvoerden, terwijl mannen buitenshuis werkten en de beslissingen namen. Volgens Silvia Federici, auteur van Caliban and the Witch (2004), ging het nog verder dan alleen een verdeling van taken. In de Middeleeuwen werden vrouwen die productief en onafhankelijk waren door handwerk als heksen bestempeld en daarom vervolgd, als een vorm van extreme sociale controle over vrouwen. Dit is bijvoorbeeld een reden dat de heks in Doornroosje wordt afgebeeld met een spinnewiel en dat de prinses vervolgens door dit wiel wordt vervloekt.

De patriarchale arbeidsverdeling tussen mannen en vrouwen hield nog lang stand in Nederland, en werkt nog steeds door. Tot ver in de twintigste eeuw werden (getrouwde) vrouwen geacht thuis te blijven en voor de kinderen en het huis te zorgen, terwijl de mannen studeerden en werkten. Waren alle zorgtaken gedaan? Dan mochten vrouwen handwerken om het huis op te fleuren. Sterker nog: de huwbaarheid van een vrouw werd mede bepaald door hoe goed ze kon borduren. Vrouwen die deze taken onjuist deden, waren schadelijk voor de status quo. Vrouwen zaten vast in hun rol en waren door gendernormen en wetgeving gedwongen financieel afhankelijk van hun echtgenoot.

Handwerk als bevrijding
Hoewel handwerk werd gebruikt als sociale controle, werd het ook een middel om tegen deze controle te protesteren. Al was het niet de bedoeling dat vrouwen zich uitspraken over politiek of  in intellectuele kringen meepraatten, binnen hun beperkte bewegingsvrijheid probeerden vrouwen zich toch in te zetten voor hun belangen. Handwerk werd gezien als gezellig en niet-bedreigend, en vrouwen gebruikten dat in hun voordeel. Zo breiden vrouwen in beide wereldoorlogen gecodeerde boodschappen in kleding voor soldaten. En in 1794 maakte Louise van Ommeren-Hengevelt onderstaand borduurwerk, dat wordt gezien als verzet tegen de onderdrukking van vrouwen en wellicht tevens tegen de slavernij. Textielkunst kwam langzaam uit de context van binnenshuis werken en werd daarmee steeds zichtbaarder in de samenleving.

Handwerk voor onafhankelijkheid
In 1871 werd de vereniging Tesselschade-Arbeid Adelt (TAA) opgericht, de eerste landelijke vrouwenvereniging in Nederland. De vereniging was met name gericht op ongetrouwde vrouwen van hogere sociale klassen, en zette zich in voor het vergroten van hun financiële onafhankelijkheid via handwerk. De vereniging gaf vrouwen een plek om dit zelfgemaakte handwerk te verkopen en zo zonder eigen risico een eigen inkomen te verdienen. Al snel breidde de vereniging zich uit met o.a. het verstrekken van onderwijssubsidies voor studies met kunstzinnige, verzorgende of educatieve elementen, maar ook voor openbare (technische) opleidingen. Deze subsidies werden gefinancierd uit een fonds, bestaande uit opbrengsten van de verkoop van textielkunst, contributies en giften. Ook nu, 150 jaar later, biedt TAA vrouwen financiële ondersteuning in de studiekosten.

Vaandels voor Vrouwenkiesrecht
In deze periode organiseerden vrouwen zich steeds vaker en groter: de basis voor de eerste feministische golf was aan het ontstaan. De vrouwenkiesrechtbeweging bijvoorbeeld leidde tot het vrouwenkiesrecht, een stem voor vrouwen in het openbare leven en toegang tot universiteiten en sociale rechten. Deze beweging gebruikte zelf-geborduurde spandoeken, vaandels en sjerpen. Daarmee wilden ze hun vrouwelijkheid benadrukken en herdefiniëren als een bron van kracht en vastberadenheid in plaats van zwakte en afhankelijkheid. Feministen inspireerden elkaar ook toen al internationaal. Zie bijvoorbeeld deze film over feministische spandoeken uit de vrouwenkiesrechtbeweging van vrouwen in het Verenigd Koninkrijk, en hieronder een vaandel van een afdeling van de Vereeniging voor Vrouwenkiesrecht in Nederland.

70271fa1c4d832b298ae541527b8ebc2.jpg
Uit het archief van Atria

Geaccepteerd als kunst
Vanaf de jaren '50 en ‘60 werden vrouwen steeds meer als individuen beschouwd in plaats van als echtgenotes en moeders. Met het begin van de tweede feministische golf, werd textielkunst daarom opgeëist als een domein waarin vrouwen hun kritiek op hun situatie in de maatschappij konden uiten en niet hoefden te concurreren met mannen. Feministische kunstenaars begonnen technieken te gebruiken die niet eeuwenlang door mannen waren gedomineerd, maar waarin vrouwen evenzeer konden uitblinken.  Ze gebruikten traditioneel ‘lieve’ objecten zoals borduurwerken en lapjesdekens om zich te uiten, bijvoorbeeld over agressie en seksualiteit, iets wat eerder niet mogelijk was (zie bijvoorbeeld Anna Verschuure). Op dit moment is Joyce Overheul een van Nederlands bekendste kunstenaars die onder meer handwerk inzet voor haar feministische boodschappen.

Handwerk komt door de jaren heen steeds meer los van haar lieflijke, huiselijke imago. Het wordt steeds minder een plicht of noodzaak en steeds meer een manier van plezier en bevrijding, een duurzame hobby en antikapitalistische kunst. Dat dringt ook door in de popcultuur: Deense politicus Margrethe Vestager, uitvoerend vicepresident van de Europese Commissie, zat al breiend in het Europees Parlement. Olympisch zwemmer Tom Daley was deze zomer aan het breien op de tribune voor zijn wedstrijden. En op Instagram zijn accounts zoals BadAssCrossStitch - inclusief haar borduurcursussen - mateloos populair. 

Handwerk: (g)een luxe?
Textielkunst is een repetitief proces dat veel tijd kost. Het borduren van een spandoek of het maken van een patroon duurt erg lang, van uren tot dagen werk. Wanneer je zulke tijdrovende technieken gebruikt om een punt te maken, laat je zien hoe belangrijk het voor je is. Het toont doorzettingsvermogen en laat zien dat je je echt inzet. Dit was ook een van de redenen van de zelfgemaakte ‘pussyhats’ die de protestanten droegen tijdens de Women's March van 2016. Daar tijd in kunnen investeren - of dat nu als hobby is of als protest - kun je echter ook zien als een luxe.

Want handwerk blijft voor veel vrouwen op de wereld ook echt arbeid: denk aan de mensen (veelal vrouwen) die kleding maken voor grote merken en fabrikanten. Hun tijdsinvestering zie je in kledingwinkels niet terug; elke paar maanden hangen er nieuwe stijlen in de rekken, geproduceerd door vele onzichtbare, overwerkte en onderbetaalde bedrijfswerkers (waarvan het overgrote deel vrouw) uit lage sociale klassen in landen als Bangladesh, China en Cambodja. In Nederland zijn we dus op weg met het herwaarderen van handwerk, maar veel vrouwen hebben deze kans niet en werken nog altijd in de slechte arbeidsomstandigheden van de textielindustrie. 

Textielkunst is daarmee ook nu verbonden met uitbuiting van vrouwen wereldwijd. Het is een manier om stil te staan bij consumptie en tijdverdrijf, rechten en onderdrukking. Door haar verleden van stil maar effectief protest zal deze betekenis ook altijd aanwezig zijn. Het maakt deze ambacht uniek, en immer politiek.

Samenwerking
Dit artikel is een samenwerking tussen feministisch tijdschrift LOVER en Stem op een Vrouw. Vind jij het belangrijk dat dit soort artikelen worden geschreven? Doneer dan aan dit werk!

Doneer aan Stem op een Vrouw

Doneer aan LOVER

Meer LOVER? Volg ons op TwitterInstagramLinkedIn en Facebook.