Longquan Tempel Beijing
Longquan Tempel Beijing
Mette Bekius (redacteur)
Mette Bekius (redacteur) • 16 aug 2018

#metoo in de tempel

Gender en boeddhisme in China

Boeddhisme is een religie die zich kenmerkt door het uitbannen van materiële verlangens, het streven naar ethisch gedrag en het hebben van respect voor alles wat leeft. Geen plek waar je #metoo zou verwachten, toch? Helaas… Redacteur Mette onderzocht gender en boeddhisme in China en deed een schokkende ontdekking.

Kennismaking

De eerste keer dat ik het Longquan Klooster zag, bovenop een berg aan de rand van Beijing, voelde het alsof ik in een paradijsje aankwam. Dat was in 2013. Ik was destijds bezig met mijn masterstudie in Beijing, woonde inmiddels al meer dan een jaar in de drukke, lawaaiige, smog-filled stad, en had behoefte aan een toevluchtsoord. Van binnen was de prachtige traditioneel Chinese architectuur nog mooier en stralender. Het werd steeds beter: het veganistische eten was heerlijk, en iedereen die ik tegenkwam glimlachte en mompelde de Boeddhistische groet ‘amituofo’, met handen in namasté-positie en een lichte buiging. Ik besloot dat ik hier ieder weekend naartoe wilde.

Een van de groepsactiviteiten waar ik aan deelnam, was soetra-chanten in het Engels. We deden de ‘Medicine Master Sutra’. In een groepje met vrijwel alleen vrouwen werden op melodieuze wijze de vele deugden van de Medicine Master Vaidura Light Tatagatha opgesomd. Allemaal erg mooi en poëtisch, tot we op het volgende stuk stuitten: “The eighth great vow: I vow that in a future life when I attain Bodhi, if there are women who give rise to a deep loathing for their female body and wish to renounce it because they are oppressed and disturbed by the myriad sufferings of being female, upon hearing my name, they will be able to turn from women into men who are replete with male features and ultimately realize unsurpassed Bodhi”. Ik keek geschokt om me heen; niemand leek ook maar enigszins verstoord door deze bizarre wending. Dit was toch niet boeddhistisch? In mijn gedeeltelijk boeddhistische opvoeding had ik altijd meegekregen dat in het boeddhisme iedereen gelijkwaardig is: man, vrouw, dier, zelfs de natuur. Waar kwam dit dan vandaan?

Onderzoek

In plaats van me gelijk af te wenden en dit pareltje van rust en schoonheid te verliezen, besloot ik het uit te gaan pluizen. Ik veranderde middenin mijn thesisonderzoek volledig van richting en ging me verdiepen in gender en boeddhisme in China. Mijn interviews deed ik met voltijdse vrijwilligers in het vertaalcentrum van de tempel, waar ik ondertussen ook vertalingen voor deed. In die interviews kwam ik zowel stuitende als hoopgevende uitspraken tegen. Zo geloofde één van mijn deelnemers dat ze in haar vorige leven wel iets heel ergs moest hebben gedaan om in dit leven als vrouw te zijn teruggekomen. Als ze maar hard genoeg werkte voor de tempel en serieus was in haar boeddhistische beoefening, zou ze in haar volgende leven hopelijk terug kunnen komen als man. Maar ik hoorde ook van veel vrouwen dat de tempel en het vertaalcentrum, waar ze woonden, juist een toevluchtsoord was van alle verwachtingen en druk die door de maatschappij en hun omgeving op hen geplaatst werden. Dat ze van hun ouders snel moesten trouwen en kinderen krijgen. Dat ze veel harder moesten werken dan hun mannelijke collega’s om dezelfde erkenning en salaris te krijgen. Voor hen was de tempel juist een plek waar ze konden ontsnappen aan de patriarchale systematische onderdrukking waar vrouwen in China mee te maken hebben.

Langzaamaan kon ik mijn aanvankelijke white feminist outrage loslaten en kwam daarvoor in de plaats een meer genuanceerde blik op de gendersituatie in de tempel. Ja, er bestaan strakke richtlijnen en een overduidelijke hiërarchie waar ik me aan kon ergeren. Aan de andere kant is er op menselijk niveau veel meer bewegingsvrijheid en hebben de vrouwen in de tempel agency in hun keuzes en zijn ze geen hulpeloze slachtoffers. Ik bleef de tempel bezoeken, misschien niet elke week maar zo vaak ik kon, en bleef actief met vrijwillig vertaalwerk. Toen ik na mijn master weer terugging naar Nederland, was het een wonder dat in hetzelfde jaar een nieuwe buitenlandse vestiging van de tempel werd geopend in Utrecht, waar negen boeddhistische nonnen uit China naartoe verhuisden om boeddhistische studie en beoefening te begeleiden. Ik sloot me ook hier bij de sangha aan.

#metoo en de reactie

Op 3 augustus kwam ik een artikel tegen waarin - in de context van de langzaam aan momentum groeiende #metoo beweging in China - de abt van het klooster werd beschuldigd van seksuele intimidatie en misbruik van nonnen. Om eerlijk te zijn was ik nauwelijks verbaasd; de afgelopen jaren kwam ik steeds vaker dit soort gevallen tegen, waarin religieuze leiders, ook in boeddhistische tempels en gemeenschappen, misbruik maken van hun machtspositie en druk uitoefenen op voornamelijk vrouwelijke volgelingen om ‘voor hun spirituele ontwikkeling’ seks met hen te hebben. Het goeroe-syndroom noem ik het wel eens, waarin een man zo hoog verheven wordt dat hij eigenlijk alles kan maken, en ook slecht gedrag wordt opgehemeld. Ik wist (en heb me eraan geërgerd) dat de abt Xuecheng, die ook hoofd is van de boeddhistische vereniging van China en lid van een adviesorgaan van de regering, in de tempel werd vereerd als een soort heilige. Dus nee, echt verrast was ik niet.

Wat me nog het meest teleurstelde en tegen de borst stuitte, was de reactie van de tempel. In andere gevallen kwam er binnen korte tijd een respons vanuit de betreffende tempel of organisatie dat de beschuldigingen serieus werden onderzocht. Dat leidde dan meestal tot het opstappen van de spirituele leider in kwestie. Niet in dit geval. De officiële reactie was dat het 95 pagina’s lange rapport waarin de misdragingen van Xuecheng werden beschreven en bewezen, bestond uit fake news: ‘vervalste materialen, verdraaide feiten en valse beschuldigingen’. Ik nam contact op met mijn tempel hier in Nederland, waarvan ik de nonnen ken, om misschien een andere kant van het verhaal te horen. Wat ik terugkreeg was: “Our monastery will operate as usual, we do what we should do”. En na enig aandringen: “We are not ignoring, instead, we live in the present, return to our own hearts and minds, and persist in the pursuit of truth.” In mijn mening een vage spirituele dooddoener als excuus om het niet serieus te nemen.

De hoop op een andere reactie is ondertussen vervlogen. Bijna twee weken nadat in meerdere gerenommeerde nieuwsbladen verslag werd gedaan van de misstanden, schrijf ik dit stuk. Vanochtend deelde de tempel in Utrecht een filmpje van het Longquan animatiecentrum met de titel ‘know where you are going’. Een discipel die met zijn meester in de auto ergens heen rijdt zegt: “iemand had het over ons” en “ik las op het internet…” – de enige reactie is “concentreer je op de weg”. De wijze les die we hieruit kunnen trekken: als we weten waar we heen gaan, moeten we ons niet laten afleiden door de houdingen en acties van anderen. Zo lang dit de houding is van de tempel, weet ik vooral waar ik niet meer heen ga.

Uw reactie

Uw reactie