Niet gay genoeg

Regenboog Pride-parade via Pixabay
Regenboog Pride-parade via Pixabay
Emma Ruiter (redacteur)
Emma Ruiter (redacteur) • 28 dec 2021

In 2020 vroegen ruim zeventienduizend vluchtelingen asiel aan in Nederland, waaronder honderden leden van de LHBTI-gemeenschap. Vaak noodgedwongen gevlucht voor anti-homowetten in het land van herkomst, start er in Nederland vervolgens een ingewikkeld en emotioneel traject: LHBTI-asielzoekers worden tijdens een bureaucratisch interview verhoord door de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND), waarbij IND-ambtenaren, zo staat in een werkinstructie uit december 2019, “beoordelen” of de “LHBTI-gerichtheid als asielmotief geloofwaardig is.” Met andere woorden: LHBTI-vluchtelingen moeten kunnen bewijzen dat ze queer zijn.

Westerse stereotypen
De huidige asielprocedure is opgebouwd rondom vier hoofdthema’s: het privéleven van de vluchteling, huidige én voorgaande relaties, kennis van en contact met de LHBTI-gemeenschap in Nederland en discriminatie in het land van herkomst. Naar aanleiding van de asielprocedure publiceerde COC Nederland in 2018 een rapport met 22 aanbevelingen om de IND-verhoren te verbeteren. In Trots of Schaamte schrijft de asielexpert Sabine Jansen onder meer dat de verhoorders moeten “stoppen met het gebruik van processen van bewustwording en zelfacceptatie als het zwaartepunt van het beleid, aangezien dit stereotiepe concepten zijn.”

Ook al erkent de IND dat het niet eenvoudig is om iemands seksuele geaardheid in te schatten, is deze asielprocedure nog steeds enorm problematisch. De IND-verhoormethoden staan namelijk bol van stereotypen over de LHBTI-gemeenschap en wat het betekent om queer te zijn. Zo wordt verwacht dat LHBTI’ers een soort universeel strijdproces van bewustwording en zelfacceptatie hebben doorlopen: er wordt van uitgegaan dat LHBTI-asielzoekers altijd een worsteling hebben doorgemaakt om hun seksualiteit te accepteren. De IND-ambtenaren generaliseren hiermee ‘de’ LHBTI-identiteit en spreken dus vaak in heteronormatieve termen. Bovendien wordt er verwacht dat zij zich tijdens het verhoor veilig voelen en open kunnen praten over hun — vaak traumatische — ervaringen. Maar hoe zit het bijvoorbeeld met asielzoekers die te getraumatiseerd zijn om openlijk te spreken? Of LHBTI-vluchtelingen die geconfronteerd worden met een geheel andere cultuur in Nederland? Veel van hen zijn gewend aan een autoritaire overheid, waarbij homoseksualiteit vrijwel onbespreekbaar is. In 2019 sprak de destijds 27-jarige Egyptische vluchteling Mahmoud met omroep HUMAN over zijn ervaring met de IND. Hij zei: “Ik vertelde mijn verhaal, maar vertelde niet expliciet dat ik homoseksueel ben. Dat vond ik nog moeilijk, omdat ik gewend was aan een situatie waarbij het gevaarlijk was om je uit te spreken als homoseksueel.” De IND-ambtenaar begreep niet waarom Mahmoed niet openlijk vertelde dat hij homoseksueel is en zijn verhaal werd als onwaar bestempeld.

#nietgaygenoeg
De IND heeft vaker onder vuur gestaan. Vorig jaar augustus bijvoorbeeld, toen #nietgaygenoegtrending topic werd op Twitter nadat de lesbische vluchtelinge Happy met kokend water werd overgoten in een AZC. Nederland was geschokt en de zaak-Happy bereikte zelfs de Tweede Kamer. En toch, ook na een stroom aan steun en bewijzen van haar relatie, verklaarde de IND het relaas van Happy ongeloofwaardig en mocht ze niet in Nederland blijven. Happy is hierin, net als Mahmoud, zeker geen uitzondering. Afgelopen oktober werd Joy, een Nigeriaanse vluchtelinge, door Gaykrant geïnterviewd, waarin ze vertelde over haar frustraties met de IND:  “I’m telling the truth, what more can I say to prove I’m gay, what do you want me to do? My body tells me I’m gay, I like women!” Joy vroeg in februari 2020 asiel aan in Nederland, maar na anderhalf jaar wees de IND haar aanvraag af. Binnenkort stapt Joy naar de rechtbank, ondersteund door de non-gouvernementele  organisatie LGBT Asylum Support. Een pijnlijke en veelal traumatische ervaring voor LHBTI-vluchtelingen: geconfronteerd met discriminatie of zelfs vervolging in het land van herkomst, eenmaal in Nederland een driedubbele geforceerde coming out, waarna onverhoopt grote kans op een officiële IND-afwijzing. Sorry, tóch niet gay genoeg.   

Veel ruimte voor verbetering
Sinds de publicatie van Trots en Schaamte in 2018 verbeterde de IND haar methoden enigszins, wat in 2019 resulteerde in een aangepaste werkinstructie. Niet langer zou mogen worden uitgegaan van processen van ‘bewustwording’ of ‘zelfacceptatie’. Een goede stap, natuurlijk. Maar wat blijkt? De herschreven instructie van de IND is mooi op papier, maar vindt weinig doorvoering in de praktijk. Afgelopen augustus publiceerde het onafhankelijke onderzoeksbureau BBSO een onderzoek waarin de onderbouwing en uitvoering van de aangepaste werkinstructie tijdens interviews onder het vergrootglas lag. De onderzoekers stellen vast: “De tekst van de werkinstructies geeft IND-medewerkers handvatten voor het vermijden van stereotypering en het hanteren van een open benadering, maar in de praktijk komen volgens zowel IND-medewerkers als respondenten buiten de IND stereotypering en een gesloten benadering nog steeds voor.”

De asielprocedure is dus nog steeds een pijnlijke, maar hoe kan deze voor LHBTI-asielzoekers verbeteren? Welke onderdelen moeten veranderen? Het ligt voor de hand dat de oplossing voor de problematiek vooral in de handen van de IND ligt. De overheidsorganisatie zou de manier waarop ze naar leden van de LHBTI-gemeenschap kijkt, de manier waarop ze vragen stelt en misschien vooral de vaste antwoorden die ze verwacht, drastisch moeten veranderen. IND-ambtenaren zouden bijvoorbeeld een specialistisch trainingsprogramma over LHBTI-onderwerpen en gendergerelateerde kwesties moeten doorlopen. Uit het recente BBSO-onderzoek blijkt daarentegen: “In de interviewmethoden die medewerkers tijdens reguliere interviewtrainingen krijgen aangereikt, wordt geen specifieke aandacht besteed aan het interviewen van vreemdelingen die vanwege hun seksuele of religieuze oriëntatie uit het land van herkomst zijn gevlucht. De SOGIcursusmodule van EASO, die beschikbaar is voor met name het interviewen van LHBTI-vluchtelingen, is (nog) nauwelijks door geïnterviewde hoor- beslismedewerkers gevolgd.” Zucht.

Het voordeel van de twijfel
Bij iedere LHBTI-asielaanvraag oordeelt, net als bij iedere andere asielaanvraag, de IND of het verhaal “consistent” is. En natuurlijk is het logisch en nodig dat er een interview plaatsvindt om de seksuele geaardheid van de asielzoeker te onderzoeken, want, zo vermeldt de IND ook op haar website, “het komt ook voor dat een  asielzoeker dit enkel gebruikt als motief om een verblijfsvergunning te krijgen.” Een asielprocedure is niet eenvoudig, maar bij LHBTI-vluchtelingen ligt de kwestie van asielaanvraag wellicht nog complexer en gevoeliger — los van het feit dat het überhaupt problematisch is een seksuele geaardheid via een gehoor ‘officieel’ vast te stellen. Geef getraumatiseerde LHBTI-asielzoekers de tijd om hun verhaal te vertellen in plaats van een universele ervaring te verwachten van een queer-identiteit. Of, zoals Sabine Jansen al in 2018 opperde: geef LHBTI-asielzoekers het voordeel van de twijfel.

Al vóór de eerste aanraking met de IND-procedure hebben LHBTI-vluchtelingen een extra kwetsbare positie binnen AZC’s — een verontrustend gegeven dat na het incident rondom Happy alsmaar duidelijker werd. Gelukkig wordt LHBTI-asielzoekers steeds meer hulp aangeboden en groeit het aantal initiatieven dat zich richt op ondersteuning, educatie en weerbaarheid. In verschillende AZC’s kunnen LHBTI-vluchtelingen bijvoorbeeld terecht bij medewerkers van het Centraal Oorgaan opvang asielzoekers(COA), die sinds 2017 speciaal zijn getraind door COC Nederland. Ook de VN-vluchtelingenorganisatie (UNHCR) heeft een trainingsprogramma gericht op de ondersteuning van LHBTI-vluchtelingen. Wil je graag zelf iets doen? Er zijn een aantal buddyprojecten, zoals die van Prisma Groep en de Regenboog Groep. Of teken de petitie 'Niet Gay Genoeg 3.0',  recentelijk gestart door LGBT Asylum Support.

Steun LOVER
LOVER draait uitsluitend op vrijwilligers en donaties. Wil je dat Nederlands oudste feministische tijdschrift blijft bestaan? Help ons door een (eenmalige) donatie. Elke euro is welkom en wordt gewaardeerd. Meer informatie vind je hier. Meer LOVER? Volg ons op TwitterInstagramLinkedin en Facebook